Pups van 0 – 8 weken

0 – 2 WEKEN (neonatale periode):
Tijdens en na de geboorte zakt de temperatuur van de pups.
Die is nu gemiddeld 35,5 graad en zal op de zevende dag 37,5 graad zijn. Daarom moet de omgevingstemperatuur aangenaam warm zijn.Tussen 24 en 27 graden.Sommige fokkers gebruiken een infraroodlamp om de pups warm te houden, andere fokkers gebruiken een warmte matje.De pups hebben nog geen huiver- of ril reflex (ontwikkelt zich rond de zesde dag) om zich warm te houden.
Daarom zoeken ze een warmtebron op.Door middel van reflexen kruipen ze dicht tegen de moeder en elkaar aan.
De moeder zorgt er ook voor dat ze ‘verdwaalde’ pups terughaalt.

Zogen (lactatie):
De eerste twee dagen bestaat de moedermelk uit colostrum, een doorzichtig, geelachtige vloeistof die met etter verward kan worden: bevat de belangrijkste antistoffen tegen infectiesrijk aan eiwitten en vitamine C en antistoffen voor hun imuum systeem en bevordert de eerste ontlasting van de pups.

Spoor van speeksel:
De moeder likt haar pups zodat ze haar geur herkennen.
Ze likt ook haar eigen tepels zodat de pups hun weg naar de tepels vinden door de geur, ook al is die nog onderontwikkeld.
Tepels van de moeder mogen dus niet gewassen worden!
De lactatie duurt gemiddeld 6 weken met een piek in melkproductie rond drie weken.
De minder sterke pups kunnen aan de achterste tepels gelegd worden omdat die een rijkere melk leveren.
De lactatie is de meest veeleisende fase van de cyclus en daarom moet de voeding van de moeder aanzienlijk aangepast worden.
Als de moeder niet genoeg melkproductie heeft kan de eigenaar zelf speenvoeding geven aan de pups, kan ook aan de moeder gegeven worden of een zoogmoeder kan ingeschakeld worden.
De moeder likt hun buikjes om de pups aan te zetten tot plassen ontlasten. Gewoonlijk ook eet ze de ontlasting op, enerzijds om het nest schoon te houden en anderzijds om (in het wild) door de geur ervan geen roofdieren aan te trekken.

Ontwikkeling:

De pups worden doof en blind geboren en hebben nog weinig reuk.Ze reageren wel op aanraking.De eerste drie weken doen de pups niets anders dan slapen en zuigen.Na ongeveer twee weken (10e tot 15e dag) gaan de oogjes open.Het gezichtsvermogen is in dit stadium nog niet volmaakt.Dat is pas op de 18e dag.De gehoorgangen gaan open op de 19e dag.De melktanden verschijnen op de 20e dag.Ze beginnen de wereld rondom zich voor het eerst gewaar te worden.Ze beginnen te kwispelen.Ze grommen en blaffen voor het eerst.Puppies wagen zich aan een verkenningstocht ze beginnen te spelen ze proberen te kruipen, hechten zich aan hun moeder, beginnen hun nestgenoten te herkennen.Puppies worden bijgevoederd vanaf de derde week ( vooral als er veel zijn, eerst met wat puppymelk, (altijd voorzien in huis, soms voor pups die iets achterblijven of minder zuigreflex hebben) en af en toe met geweekte puppy brokken.

4 – 8 weken (socialisatie):
Na drie weken neemt de melkproductie af en gaat de moeder soms voedsel opbraken om de melkvoeding aan te vullen.De pups beginnen zich spontaan te interesseren voor de voerbak van de moeder.Dit is het begin van een geleidelijke spening.

Spenen:

Heel geleidelijk aan moeten de pups overschakelen op puppy voeding.Op 4 weken krijgen de pups een grotere ruimte.Beginnen ze ook de buitenwereld kennen, de moeder neemt ze mee naar buiten.Wordt ook het kom fluitje geleerd vóór het eten geven, dit leert hen komen op bevel.In deze socialisatie periode leren pups hond zijn.Ze leren sociale interactie met andere honden.En dat moeten ze nu leren want die periode komt nooit meer terug.Het is dus enorm belangrijk dat ze bij moeder en hun broertjes en zusjes blijven.De moeder leert hen manieren.Ze leert hen dat zij de baas is.Op 5 weken komt de moeder pas na de voeding bij de pups.Belangrijk is dat de fokker de rol van de moeder begint in te nemen.Op 6 weken komt de moeder nog sporadisch bij de pups.
In het spel komen nu ook de rangorde spelletjes duidelijker in beeld, verdediging en vluchtgedrag worden geoefend.
De nestbinding is groot en zal langzaam maar zeker afnemen, net als de behoefte naar en de binding met de moederhond.
Op de leeftijd van circa 7 weken zullen de diverse gedragingen -zoals het terug vluchten naar het nest- in evenwicht zijn, en zal de nieuwsgierigheid naar onmiddellijke omgeving de overhand krijgen.Week na week wordt de pup volwassener in zijn bewegingen.Het puppy gangwerk wordt vaster, en de blik gerichter.Al die tijd gaat de inprenting door en rond de leeftijd van 8 – 12 weken is een pup klaar voor de grote verhuizing naar de nieuwe baas.De inprentings fase duurt voort bij zijn baasje tot op de leeftijd van 16 weken.Is heel belangrijk voor de pup, zowel de goeie of de slechte ervaringen vergeten ze nooit meer.